Vrijdag Zaterdag Zondag

Sint Rosa en de leeuw

Sint Rosa

Sint Rosa De heilige Rosa, dochter van Gaspar Flores en Maria Olivia, wordt op 20 april 1586 geboren in de Peruaanse hoofdstad Lima. Haar doopnaam is Isabelle. Rosa is een prachtige baby en wordt een zeer mooi meisje. Maar zijzelf is niet geïnteresseerd in schoonheid en besluit al heel jong haar leven aan Jezus te geven. Rosa is een toonbeeld van rust, gehoorzaamheid en vroomheid. Als ze 20 jaar is, treedt ze toe tot de Derde Orde van Sint Dominicus. In het tuinhuisje van haar ouders leeft zij een leven van boete en versterving, armoede en gebed. Catharina van Siena is haar grote voorbeeld. Rosa lijdt aan eenzaamheid, en ook aan allerhande fysieke ziekten en kwalen, die ze opdraagt als boetedoening voor de zonden in de hele wereld, en ter bekering van de Indianen. Zij sterft in haar geboorteplaats op 24 augustus 1617, 31 jaar oud.

Na haar dood gebeuren er volgens de overlevering vele wonderen.

Op 12 februari 1668 wordt Rosa door Paus Clemens IX zalig verklaard. Zij is daarmee de eerste officiële Zalige uit Latijns-Amerika. Later dat jaar zouden de Dominicanen in Sittard de nieuwe kerk, de St.-Michiel, in gebruik nemen. Zij laten deze gebeurtenis samenvallen met de eerste feestdag van de nieuwe zalige uit hun kloosterorde, en vieren dit dubbele feest op 9 september 1668. Als in 1669 de stad geteisterd wordt door een besmettelijke ziekte, wendt op advies van de paters Dominicanen heel Sittard zich vol vertrouwen tot de zalige Rosa om uitkomst.

Op 12 april 1671 volgt de heiligverklaring van Sint Rosa. Datzelfde jaar breekt er in Sittard een pestepidemie uit die vele slachtoffers eist. Angstig wenden de inwoners zich andermaal tot Sint Rosa. Stadsbestuurders en bevolking roepen haar officieel uit tot beschermheilige van Sittard. In de Sint Michielskerk wordt vóór haar beeltenis -geplaatst in een wolk van brandende kaarsen- de plechtige gelofte afgelegd dat haar jaarlijkse feestdag ten eeuwigen dage luisterrijk gevierd zal worden met een ommegang ter harer ere. Uit dankbaarheid bouwt men op de top van de Kollenberg een devotiekapel, die in 1675 gereed komt. Sindsdien trekt ieder jaar op Sint Rosazondag een lange stoet gelovigen de Kollenberg op, om volgens de in 1671 gedane belofte de stadspatronesse te huldigen en dank te zeggen voor de verleende hulp in bange tijden.

De Leeuw

De leeuw Telkens als de laatste zondag van augustus nadert, duiken in Sittard weer verhalen op over circusleeuw Azor, die kermiszondag uit circus Friso op de Markt ontsnapte. Hij liep de ‘Paatesjkirk’ binnen en kuierde via het hoofdpad naar het altaar. We schrijven dan zondag 28 augustus 1938. De dag waarop Sittard de zomerkermis vierde en waarop de Sint Rosaprocessie naar de kapel in de Kollenberg trok. Er was dus veel volk op de been en de hoogmis in de kerk was bomvol.

In de loop der jaren zijn er veel van elkaar afwijkende versies over wat er precies gebeurde ontstaan. Het ene verhaal nog sensationeler dan het andere. Duidelijk was dat de inkleuring ieder jaar meer ruimte kreeg. Zo waren (en zijn) er zelfs mensen, die niet één, maar twee leeuwen in de kerk gezien hebben. Dat is echter niet waar. Er ontsnapte wel een tweede leeuw, Iris, maar die kwam niet verder dan een rondje in de buurt van zijn kooi.

Maar hoe dan ook, Sittard kreeg een grote plek op de wereldkaart. Mogelijk waren er destijds nóg meer sensatie- en roddelbladen dan tegenwoordig. Zij stortten zich met graagte, veel energie en fantasie op de Sittardse ‘kermisleeuwaffaire’, waarbij uiteraard een hoofdrol was weggelegd voor Azor. Als je zijn naam omdraait krijg je Roza. Toeval?

Vooral de Italiaanse sensatiepers was niet te stuiten. Die wist kennelijk alle gruwelijke details met daarbij tekeningen van half verscheurde kerkgangers, die door Azor uit biechtstoelen en kansel gesleurd werden. De beminde gelovigen waren daar naar toe gevlucht. Sittard werd in die tijd overigens afgeschilderd als een middeleeuws dorp, waar de bewoners nog op klompen en in ‘plaatselijke klederdracht’ rondliepen.

Ook de Amerikaanse sensatiepers wist van wanten. In het blad ‘New York City Magazine’ werd gemeld dat drie Sittardenaren slachtoffer werden van de ‘Big king of the dessert’. Ook in dat artikel is sprake van twee leeuwen, die ‘onder woedend gebrul’ het kerkgebouw binnenstormden. ‘Reeds aan de ingang werd een negenjarige jongen door een forse slag van een klauw neergeveld. Enkele seconden later wierp het ondier zich op een oude grijsaard, die hevig bloedend ineenzonk. Onder de gelovigen ontstond een vreselijke paniek. Nader meldt onze correspondent uit Londen dat ook een derde persoon, die gevlucht was in een der biechtstoelen, door het losgebroken dier werd verscheurd. Zijn hoofd werd van de romp gescheurd, terwijl men op vier meter afstand zijn rechterarm vond’. Zo gaat het dan nog wel even door.

Natuurlijk was er paniek bij de kerkgangers en op het altaar, maar niemand raakte gewond en uiteindelijk wist de dierentemmer Azor weer terug in zijn hok te krijgen. Maar het had wel veel erger kunnen zijn. Wellicht is het een wonder, dat geen slachtoffers te betreuren waren. Een wonder dat, zover bekend, nooit aan wonderdoenster Sint Rosa is toegeschreven.


Bestel hier kaarten